
Bilbao was the end point of our tour. And we enjoyed it there. The visit to the museum and the surroundings of the building was a great experience.
Nice was also the Mercado de la Ribera, the large covered fresh market, where we ate pintxos with a glass of cold white wine.
In the Casco Viejo, the old city district, we enjoyed a Menu del Dia.







You could see the Guggenheim Museum as the icon of Bilbao. The building has been standing on the Nervion river since 1997. The building is spectacular and has given Bilbao a vibrant image. The design is by Frank Gehri and cannot be compared to any building.
The use of titanium was new. It is beautiful in the ever-changing light and that together with the shapes give the building an idea of waves.
Louise Bourgeois’ giant spider stands on the square along the river. By Anish Kapoor there is the ‘Tall Tree & The Eye’: reflective spheres stacked on top of each other.
.
The Guggenheim Museum Bilbao is one of three Guggenheim Museums around the world alongside Peggy Guggenheim Collection in Venice and the Solomon R. Guggenheim Museum in New York. The museums belong to the Solomon R. Guggenheim Foundation in New York.
.
















De Thai houden van kleur. We hebben huizen gezien in alle kleuren van de regenboog. Maar de stad Uthai Thani heeft z’n eigen kleur; paars.
De kleur paars verwijst naar de Thaise prinses Maha Chakri Siridoorn, de zuster van de koning, die hier een huis heeft. Zij is geboren op een zaterdag en in Thailand is de kleur van die dag paars.



We hebben onderweg al veel teakhouten paalwoningen gezien. In Lampang is er de mogelijkheid om een traditioneel Thais huis uit 1895 te bezoeken. De inrichting is nog compleet. Het lijkt of de bewoners even een boodschapje doen, en elk moment weer terug kunnen komen. Bij deze huizen is er geen strakke begrenzing tussen binnen en buiten. De ruimtes zijn open en voorzien van ventilatieroosters, waardoor het aangenaam koel in het huis blijft.
We zijn de enige bezoekers, waardoor we er ongestoord rond kunnen lopen. Na ons bezoek krijgen we in de ruimte onder het huis een glas tamarindesap aangeboden. Toen we wilden vertrekken arriveerde er een bus vol toeristen die meteen het huis bezetten. Wij hebben de mazzel gehad dat we hen net voor waren en de sfeer van het huis niet met 40 anderen hoefden te delen
We hebben nog wat in Lampang rond gekeken en zagen meer houten huizen met een opmerkelijke architectuur.
We aten in een oud teakhouten restaurant: Aroy One Baht. Het is een populair restaurant. Wij waren er vrij vroeg. Gaandeweg werd het steeds drukker. We hebben er heerlijk gegeten. Wat een geweldige en snelle koks.












Chedi Luang is een tempelcomplex met de ruïne van een 15e eeuwse Chedi in het midden van Chiang Mai. Het bijzondere is dat er naast Boeddha ook monniken, die als leermeesters worden beschouwd, worden vereerd. Deze wijze mannen zijn te zien als bronzen beeld. Maar enkelen zijn gemaakt van was. Zij zien er bijna griezelig echt uit. Ze lijken zo weg gelopen uit Madame Tussaud.




Al tijdens onze eerste reis in Thailand maakten we kennis met verbindende draden tijdens een verblijf in een klassiek teakhouten hotel met in de open hal een altaar met boeddhabeeld. Vanaf de pols van het beeld waren draden gespannen rond het hele huis. Wij hadden er een kamer met een klein balkon. Ook rond dat balkon liep een draad. Die zat ons in de weg en daarom haalden we de draad weg. Dat hadden we niet moeten doen. Deze lichtzinnigheid werd bestraft. Een uur later werd een portemonnee van ons gestolen. Toeval, maar we waren destijds wel gevoelig voor het idee dat het één het ander veroorzaakte. We hebben de draad snel weer hersteld.






Van uit het hotel lopen we naar het centrum van Chiang Rai. Elektriciteitsdraden zijn overal zichtbaar. Reclameteksten in het Thais, voor ons niet te ontcijferen. In het hart van de stad staat op een rotonde de “Clock Tower”, de trots van de stad: een vergulde barokke toren. Hij laat elk uur van zich horen.


Wij vinden bij de “nightmarket” een tuk-tuk, die ons naar het drijvende restaurant Loo Lam op de rivier de Kok brengt, een paar kilometer buiten het centrum van de stad. Na het eten wordt een taxi voor ons geregeld, die ons terug brengt naar het hotel.
Mae Salong is een Chinees stadje. Chinese soldaten, behorende bij de Kwomintang, vluchtten in 1950 tijdens de Chinese burgeroorlog naar het noorden van Thailand. En zo ontstond Mae Salong. De Chinese cultuur is overal zichtbaar. Wij kwamen jongeren tegen die het Chinese nieuwjaar vierden, langs de huizen gaand, de boze geesten verjagend met dansende draken en muziek.
Happy New Year !





